”HOE HET TOT STAND KWAM”
Het is augustus 1970 als ik lees dat in de Haagse courant in een reportage aangeeft dat het bataljon van 1-4 RI zijn eerste reünie heeft gehouden.
Een uitgebreid verslag van dit bataljon, met foto geven aan hoe de stemming was, na drie gevaarlijke tropen jaren, na de terugkeer in Nederland, moest ons land op de schop voor de opbouw van ons vaderland, tussen 1950 en 1970 het waren jaren van veel werk, dan denk je dikwijls hoe het in die periode met je dienstmakkers is vergaan, en om je onderdeel naar al die jaren terug te zien, benieuwd hoe het met je slapie en oude kamer genoten is gegaan.
De drie jaar in Indië, soms onder minder prettige omstandigheden heeft voor veel militairen een hechte band gekweekt welke nu nog steeds merkbaar is, juist op een reünie komen dan de verhalen los, en wil je een ei kwijt, het was soms onberekend, maar het was ook een mooie tijd, die wij met ons allen daar onder de koperen ploert hebben meegemaakt.
Na dit bericht uit de Haagse courant te hebben gelezen, gingen mijn gedachte terug naar onze drie jaren op Java, je collega`s nog eens een keer te zien, en te spreken, het zette mij aan het denken, ja, maar hoe krijg je 400 jongens voor een dag weer met elkaar?
Met de gedachte om eerst te informeren wat de mogelijkheden waren, belde ik de Haagse courant, en kreeg vlot het adres van de organisator van 1-4 RI, het werd een gesprek met veel vragen, hij vertelde hoe te handelen, een eerste stap was gezet, nu denken of het te realiseren was, zijn advies was, om centrale personeelsdienst in Den Haag te bellen, met de vraag, of zij de inschepinglijst van 17 AAT wilde sturen, twee dagen later lag de brief in de bus, met de beloofde lijst van onze compagnie.
Schrok wel een beetje, ongeveer 400 mensen stonden op de lijst, hun huisadres van 1947, toen wij werden inscheept in Amsterdam op de Boissevain, achter iedere naam en adres stond het legernummer, welke achteraf erg belangrijk bleek te zijn.
Wat moet je in je eentje om alle adressen uit te pluizen, adressen welke verspreid over geheel Nederland lagen, met het idee om van iedere provincie een contact adres te vinden, welke bereid was mee te zoeken naar de juiste adressen, de opgaaf bleek niet gemakkelijk, de ouders waren veelal verhuist, en de collega`s veelal getrouwd, een contact persoon werkte bij de politie, hij stuurde een proces verbaal naar de desbetreffende gemeente en kreeg netjes het juiste adres toegestuurd, een ander contact persoon zat bij de douane, ook hij kwam zijn adressen op het goede spoor, en de contactpersoon in Brabant werkte bij te de telefoondienst in Tilburg, hij mocht alle adressen verdelen in de toenmalige telefoonzaal, waar alle telefonisten naar de gemeente`s belde, na een week kwamen 44 adressen keurig verzorgt binnen.
Zelf nam ik Zuid-Holland en Zeeland, het bleek de grootste lijst te zijn, op het werk kwamen veel politie, na overleg hoe dit te doen, boden zij aan af en toe een lijst met namen uit te zoeken, ook zij stuurde een bericht naar een gemeente, en kreeg vlot de juiste adressen binnen.
Oproepen via radio Veronica leverde reacties op van jongens die het gehoord hadden, het begon te lopen.
Het programma van Willem Duis wilde er geen aandacht aan besteden, oproepen via plaatselijke bladen leverde diverse reacties op.
Wij hadden in 1946-47onze militaire opleiding in de Dethmers kazerne te Eefde gehad, na een telefonisch onderhoud, en de vraag of de commandant de kazerne beschikbaar wilde stellen
Bood hij de kazerne aan voor de te houden reünie voor de 17 AAT.
Drie maanden later waren de meeste adressen binnen, het werd tijd om een afspraak te maken met de kazerne commandant, zo gingen wij met zijn tweeën naar de kazerne
te Eefde, met de onderofficieren werd alles besproken, 8 mei 1971 was de beste datum, verheugd verlieten wij de kazerne, 250 officiële gedrukte programma kaarten werden verzonden, en het telefoon verkeer werd daarna drukker, vragen werden gesteld, vragen als, van mag mijn vrouw ook komen, waarop het antwoord was, de eerste keer alleen mannen, op de dag zelf mogen jullie beslissen of je vrouw op de volgende reünie mee mag komen.
Om de NOS op deze dag uit te nodigen, werd een brief, met het verzoek bekendheid aan dit gebeuren te willen geven, gestuurd naar Hilversum, kort daarna kwam er een telefoon van regie, wat onze commandant voor toespraak zou houden, na overleg met onze commandant,
de heer Leicher te hebben gehad, beloofde de NOS om op 8 mei aanwezig te willen zijn om een verslag te maken van onze eerste reünie.
Wij hadden besloten om nog een keer officieel appel te houden., op de appelplaats in de kazerne.Afgesproken was dat de bekende sergeants bij zijn eigen peloton de namen
zou afroepen.
Ons onderdeel bestond toen uit, staf, werkplaats, A, B, C, en het D, peloton.
Een bekende radio firma uit Den Haag leende een versterker met twee goede boxen, de eigen bandrecorder met gezellige, verzorgde die dag de vrolijke noot.
Het was nu nog maar een paar dagen voor de heugelijke dag begon, en waren wij met van alles nog bezig.
Da
ags ervoor mochten wij drieën in de kazerne slapen, en konden zo alle laatste voorbereidingen treffen, waarbij de aanvang om 10 uur was bepaald.
Op de dag kwamen de nu veel oudere maten het kazerne terrein oprijden, bij het betreden van de kantine waren de ontmoetingen hartverwarmend, 21 jaar elkaar niet meer gezien, terwijl wij drie jaar lief en leed met elkaar hadden gedeeld, de vreugde was enorm, luide kreten en lachende gezichten vulde de kantine.
1130, uur opende onze commandant de heer Leicher de reünie, hekelde dat de Japanse keizer officieel naar Nederland mocht komen, terwijl vele
gevangenen de Burma spoorweg niet hadden overleeft, en gaf een duidelijk overzicht van onze drie tropenjaren.
Soms was het kijken en denken, wie is dat toch, maar na even gepraat zag je langzaam wie het was, andere herkende je zo, er is wat afgeketst, oude belevenissen en ervaringen kwamen boven tafel, spannende momenten wisselde van spreker.
En het bier vloeide rijkelijk en de stemming zat er gelijk in,
Middags om1400, uur togen wij naar buiten, voor ons allerlaatste appel, en wat er van onze compagnie over was gebleven.
Buiten gekomen werden de petjes opgedaan (drie jaar gedragen) nu van de firma tectyl, met het verzoek deze op te doen als laatste eer dat wij drie jaar in de tropen een petje hadden gedragen, en zo te zien ging het iedereen gemakkelijk af.
De sergeanten hadden ieder hun naamlijst gekregen, waarna de veteranen zich opstelde zoals het in 1947 dagelijks was gegaan, de namen werden afgeroepen zo melde ieder zich present, en met het commando, geef acht, gingen de sergeants naar de commandant om het aantal veteranen door te geven.
Je begrijp dat iedereen stonden te lachen, het ging goed, het was gemoedelijk, maar niet meer het gedril zoals het toen ging.
De twee oudste Gerrit de Vreugd en Cor van Loenen, zij waren
in op deze dag 80 jaar, het waren chauffeur instructeurs, liefhebbers van een borrel, prachtige mensen, en aan de gezichten zie je dat ze meeleefde, het was feest, en intussen was de NOS druk bezig opnamen te maken voor het nieuws van 8 uur.
Na het appel marcheerde wij af richting de eetzaal, dit alles onder grote hilariteit van iedereen.
Gezamenlijk naar de eetzaal. Met een roestvrijstalen pleet (etensbord) langs de koks, ja het was ouderwets nasi goreng
met diverse bijgerechten.
Na de maaltijd terug naar de kantine waar inmiddels de kazerne commandant 5 TVs had laten opstellen, wij zouden in het nieuws van de NOS het verslag zien van de toespraak van onze oude commandant.
Na het NOS nieuws ging het feest door, men kreeg er niet genoeg van, tot 2 uur wilde men nog niet weg, maar aan deze dag kwam een goed eind.
Zij die teveel hadden gedronken konden in de kazerne blijven slapen, en de volgende morgen was het weer f
eest, maar na de maaltijd ging ieder zijn weg, en kunnen wij terugzien op een geslaagde dag.